aanmelden
cursusdata
contact

De babyconsulent

 

Een babyconsulent is gespecialiseerd in de begeleiding en ondersteuning van ouders en hun baby van 0 - 12 maanden. Babyconsulenten zijn verpleegkundigen met ruime ervaring en aanvullende opleidingen in de zorg. Ouders van baby's die overmatig huilen, onrustig of prikkelbaar zijn, slaapproblemen of voedingsproblemen hebben zijn voor begeleiding en advies bij de babyconsulent aan het juiste adres. Begeleiding vindt plaats in de thuissituatie of in eigen praktijk. Ook behoren telefonische consulten tot de mogelijkheid. Bebibalansa is een netwerk voor babyconsulenten. Het biedt de mogelijkheid om kennis te kunnen delen en te ontwikkelen, en maakt de begeleidingsmogelijkheden voor ouders vindbaar. Wil je informatie, kijk dan op; www.bebibalansa.nl

 

 
Overgewicht bij baby's en jonge kinderen
 

Overgewicht bij jonge kinderen is een groot probleem aan het worden. Veertien procent van de jongens en zeventien procent van de meisjes tussen de vier en vijftien jaar oud is te zwaar. De gevolgen zijn enorm, zowel op lichamelijk vlak (bijvoorbeeld: er komt steeds meer suikerziekte voor bij hele jonge kinderen) als op psychosociaal vlak (bijvoorbeeld: pesten, niet goed mee kunnen komen met vriendjes en vriendinnetjes of op de sportvereniging).

 

Wat kun je als ouders voor je kinderen betekenen?

 

  • Overweeg om je baby borstvoeding te geven. Aangenomen wordt, dat baby’s die borstvoeding hebben gekregen minder kans hebben om op latere leeftijd overgewicht te krijgen. Vermijd het onnodige combineren van moedermelk met kunstvoeding. Let wel: onnodig combineren. Dan hebben we het over: ‘het flesje erbij voor de zekerheid’ of een extra fles pap voor het slapengaan. Als kinderen normaal groeien op moedermelk, dan hoef je geen extra flesjes te geven. Voor zover we nu weten, mag een borstgevoede baby boven de groeicurve groeien, zonder daar op latere leeftijd te dik van te worden.

 

  • Heb je besloten om kunstvoeding te gaan geven, dan is er een aantal zaken waarvan je op de hoogte moet zijn. Zo moet je je goed houden aan de geadviseerde hoeveelheid kunstvoeding per 24 uur. Lijkt het erop dat je baby daar niet genoeg aan heeft, dan zal hij misschien speciale voeding voor hongerige baby's nodig hebben. Bespreek dit op het consultatiebureau. Doe geen extra schepjes voeding in de fles. Gebruik ook geen speen met een te groot gat. Daardoor gaat je baby sneller en gulziger drinken. Hij of zij zal zich vervolgens na de voeding waarschijnlijk minder goed voelen.

 

  • Begin niet vóór de leeftijd van vier maanden met groente of fruit en leer je kinderen eerst water en gewone melkproducten te drinken. Als ze al jong wennen aan gesuikerd sap en zoete melkdrankjes, dan willen ze niet meer terug naar neutrale en zure smaken.

 

  • Zorg dat je kinderen veel bewegen. Te beginnen, door ze bewegingsvrijheid te geven in de box en op een kleed op de grond. Lang in een Maxi-Cosi of wipstoeltje zitten beperkt de bewegingsvrijheid van je baby. TV kijken, games en de computer horen bij onze maatschappij, dus je kunt het kinderen op latere leeftijd niet verbieden. Wat je wél kunt doen, is je kinderen stimuleren om buiten te spelen, te sporten en op de fiets naar school te gaan.

 

  • Goed voorbeeld doet goed volgen. Maak eten aantrekkelijk. Ontbijt altijd. Probeer lekker en gezond te koken. Kook samen met je al wat oudere kinderen en eet aan tafel. Wees terughoudend met geven van chips en zoetigheid.

 

Vijf pijlers in de strijd tegen overgewicht:

 

1. stimuleren van borstvoeding
2. stimuleren van buitenspelen
3. stimuleren van ontbijten
4. reduceren van gezoete dranken
5. reduceren van TV-kijken

 

Bronnen: Gezondheidsraad en Voedingscentrum

 

 
Ritme

Met regelmaat en voldoende rust slapen kinderen beter en huilen ze minder. Hierna volgt een algemeen beeld dat een goede leidraad kan zijn voor een goed levensritme. Gemiddeld is een pasgeboren baby per keer 30 tot 45 minuten wakker. Hij of zij krijgt dan eerst de borst of de fles. De resterende tijd gaat op aan verschonen, knuffelen en spelen. Bij de eerste tekenen van vermoeidheid leg je de baby wakker in bed. Die tekenen zijn: in de ogen wrijven, bleek worden, gapen, jengelen, drukker worden, wegkijken. De slaapjes duren gemiddeld, per keer, 2 tot 3 uur. Voedingen zijn er per etmaal gemiddeld 6 à 8, met een tussentijd van minimaal twee en maximaal vier uur, gerekend vanaf het begin van de vorige voeding.

 
Meer lichaamscontact

Huid-op-huid-contact vermindert stress. Daardoor kan de hersenontwikkeling optimaal verlopen en is het kind later minder gevoelig voor stress en ziekten. Dit alles blijkt uit onderzoek van de sociaalwetenschappers Rachel Verweij en Hedwig van Bakel.

 

Baby's, die tien uur per dag lichaamscontact hebben, huilen 50% minder dan baby's die 8½ uur per dag worden aangeraakt. De hoeveelheid lichaamscontact die Nederlanders 'gewoon' vinden, is te weinig, aldus Verweij en Van Bakel.

 

Lichaamscontact is dus belangrijk voor een baby. Vooral tijdens de eerste twee levensjaren. Babymassage en draagdoeken zijn prima middelen om meer lichaamscontact te stimuleren.

 

Bron: Medisch Contact

 

 
Veilig slapen
 

Een baby slaapt veel. Niet alleen 's nachts, maar ook overdag. Uitgangspunt is altijd: laat je baby veilig slapen!

 

Wiegendood is het onverwacht overlijden van een gezonde baby; meestal tijdens de slaap. Het treft voornamelijk baby's in het eerste levensjaar. Niemand weet precies waarom en hoe wiegendood zich voordoet.

 

Er zijn allerlei risicofactoren ontdekt die, meestal in combinatie met elkaar, tot wiegendood kunnen leiden. Als je bepaalde adviezen in acht neemt, is het mogelijk om de risico's tot een minimum te beperken.

 

Je baby moet altijd op de rug slapen!

 

Een baby slaapt het veiligst op de rug. De eerste twee weken mag een zuigeling wel op de zij gelegd worden, maar na de tweede levensweek verdient de rugligging de voorkeur. Vanaf die leeftijd kan de baby namelijk zelf makkelijk van de zij op de buik rollen, wat de kans op wiegendood doet toenemen.

 

Laat je baby nooit in buikligging slapen. Ook niet voor één keer! Soms kan er een reden zijn om van dit advies af te wijken. Dat krijg je dan van je arts te horen. Als je baby wakker is (en er is iemand bij) dan moet hij wel regelmatig op de buik liggen. Dat is namelijk heel belangrijk voor een goede (motorische) ontwikkeling. Er is bij rugligging overigens helemaal geen reden om bang te zijn voor het afplatten of scheefgroeien van het hoofdje. Op het consultatiebureau krijg je allerlei adviezen om dit te voorkomen. Vraag ernaar!

 

Zorg dat wieg of bed veilig zijn:

 

  • De voorkeur gaat uit naar een ledikant met luchtdoorlatende zijwanden. De ruimte tussen de eventuele spijltjes mag daarbij niet meer dan 7 centimeter zijn en de spijltjes moeten van boven naar beneden doorlopen.

 

  • Gebruik geen kussen en geen hoofd- en zijwandbeschermers. Ook geen zeiltjes en plastic matrashoezen (om te voorkomen, dat er adembelemmering optreedt, of dat er teveel uitgeademde lucht weer wordt ingeademd).

 

  • Gebruik geen tuigjes en koorden in het ledikant (om verstrengeling te voorkomen).

 

  • Zorg dat er hooguit 2 centimeter ruimte zit tussen de matras en het ledikant. De matras moet stevig en goed passend zijn en minimaal 8 centimeter dik. Een waterbed is niet geschikt voor een baby.

 

  • Maak het bed kort op, met de voeten van de baby vrijwel tegen het voeteneind. Vermijd daarbij het dubbelslaan van het beddengoed. Katoenen dekens zijn het best geschikt. Komen er allergieën in de familie voor, kies dan bij voorkeur voor synthetische dekentjes. Gebruik een lakentje en een dekentje. Stop een dekentje dus niet in een dekbedhoes.

 

  • Voor een baby in en gewatteerde trappelzak is een deken overbodig. Zorg er wel voor, dat die trappelzak goed past (en zeker niet te groot is). De armsgaten en de hals mogen niet zó ruim zijn, dat de baby er met het hoofd doorheen kan. Bij een ongewatteerde trappelzak is vaak nog een dunne extra deken nodig. Zorg er ook dan voor dat je het bedje laag opmaakt en de deken rondom goed instopt.

 

Pas op voor té veel warmte!

 

Voorkom dat je baby te warm ligt. Warmte is vaak een combinatie van factoren: (te veel) dekens of een dekbed, gecombineerd met kleding, hoofdbeschermer, kamertemperatuur en een kruik… Het gevaar van oververhitting neemt toe als de baby koorts heeft. Dek de baby in die gevallen minder toe, zodat de warmte goed weg kan.

 

Kleed je baby overdag ook niet te warm aan. Door aan de voetjes te voelen, kun je controleren of je baby het te warm of te koud heeft. Let ook altijd op de omgeving en op het weer: verwarming, kachel in de auto, direct zonneschijn, enzovoorts.

 

Laat je baby NOOIT in een gesloten auto slapen. Ook niet in de schaduw. Als je en draagzak wilt gebruiken, draag die dan boven je eigen jas.

 

Om warmtestuwing te voorkomen, wordt sterk afgeraden om tot het tweede levens jaar een dekbed te gebruiken.

 

In de praktijk blijkt, dat veel ouders toch een dekbed willen gebruiken (of al gebruiken). Hoewel we nogmaals met klem willen wijzen op de risico's van een dekbed (warmtestuwing is een belangrijke oorzaak van wiegendood) volgen hier wat tips waaraan je je zeker moet houden als je toch een dekbed gebruikt:

 

  • Voorkom dubbelslaan, of het min of meer geplooid liggen van het dekbed.

 

  • Dekbedden moeten niet los over een baby heengeleid worden. De baby kan zich dan namelijk onder het dekbed woelen. Ook een dekbed moet dus altijd goed worden ingestopt!

 

  • Gebruik (bij een meerseizoenendekbed) altijd alleen het zomerdekbed.

 

  • Een dekbed moet voorzien zijn van een afsluitbare overtrek. Die sluiting moet altijd gebruikt worden, om te voorkomen dat het kind in het overtrek verstrikt raakt.

 

  • Bij gebruik van een dekbed moet (indien mogelijk) het bed kort worden opgemaakt..

 

  • Maar - nogmaals - het advies blijft: GEBRUIK GEEN DEKBED.

 

Laat je baby niet meeroken.

 

Roken, zowel tijdens de zwangerschap als erna, is slecht voor moeder en kind. Kijken we even wat het kan veroorzaken bij je baby… Deze loopt niet alleen het risico van een wiegendood, maar heeft ook een grotere kans op het krijgen van longaandoeningen, zoals bijvoorbeeld (met name) astma. Hou daarom de babykamer rookvrij en vermijd ook in andere situaties (auto, restaurant, feestjes) zoveel mogelijk dat de baby passief meerookt. Het is belangrijk om regelmatig de babykamer te luchten; overigens ook als je nooit rookt.

 

Pas op voor bepaalde geneesmiddelen.

 

Geef je baby nooit op eigen initiatief medicijnen met een slaapverwekkende bijwerking (zoals, bijvoorbeeld, bepaalde hoestremmende middelen).

 

Moeders die borstvoeding geven moeten deze medicijnen ook vermijden. Lees bij medicijngebruik altijd de bijsluiter. Raadpleeg bij twijfel altijd je huisarts of apotheker.

 

Geef bij voorkeur borstvoeding. Geef een fopspeen om te slapen.

 

Er zijn sterke aanwijzingen, dat een fopspeen tijdens het slapen het risico van wiegendood verlaagt. Gebruik bij borstvoeding alleen een fopspeen, als het voeden zonder problemen verloopt. Zorg altijd voor schone spenen. Bouw het geven van een fopspeen na een half jaar af. Gebruik 'm alleen nog maar voor het inslapen.

 

Stichting Baby Hope
 

Wanneer je de materialen die je over hebt uit je kraampakket een goede bestemming wilt geven. Geef dan de overgebleven inhoud van je kraambed aan de Stichting Baby Hope. Stichting Baby Hope zamelt de inhoud van je kraampakket in voor kraamprojecten in West-Afrika en Tanzania. Uitsluitend de medische materialen zoals: steriele navelklemmen, verbandwatten, desinfecterende zeep, latex handschoentjes, schorten, steriele gazen, kraamverbanden, celstof matjes, onderleggers, matrasbeschermers, flesjes alcohol, tape en stretch gaasbroekjes worden door hen ingezameld.

 

Heb je deze materialen nog in huis en wil je een goed doel steunen?

 

www.stichtingbabyhope.org

Markt 21     4931 BR Geertruidenberg     0162-523349     info@moriaen.nl