
| Wat voor voeding ga je de baby straks geven? |
De eerste maanden is je baby aangewezen op melkvoeding. Al tijdens de zwangerschap moet je dus een keuze maken hoe je je kind gaat voeden met borst- of flesvoeding.
Borstvoeding is de allerbeste voeding voor je baby. Daarbij geldt dat hoe langer je borstvoeding geeft hoe groter de bescherming wordt tegen bepaalde ziekten.
Voor kinderen die borstvoeding krijgen geldt dat ze minder kans hebben op maagdarmstoornissen, luchtweginfecties en middenoorontstekingen. Ook op latere leeftijd heeft het feit dat je borstvoeding hebt gegeven een positief effect op suikerziekte, hart- en vaatziekten en chronische darmziekten.
Moedermelk bevat bijzondere vetzuren die zorgen voor een optimale ontwikkeling van de hersenen en de ogen. Verder komen allergische aandoeningen minder voor. Blijkt je baby toch allergisch dan zijn de klachten minder ernstig.
Borstvoeding geven is ook gezond voor jezelf. Je hebt minder lang bloedverlies na de bevalling en je menstruatie wordt uitgesteld. Langdurig zelf voeden vermindert de kans op borstkanker (voor de menopauze) en botontkalking op latere leeftijd.
Van milieuverontreinigende stoffen in moedermelk is geen schadelijk effect op de gezondheid aangetoond.
Borstvoeding geven moet je wel leren. Jij moet het leren en de baby moet dat ook. Daarom gaat borstvoeding geven de eerste dagen meestal niet vanzelf. In de kraamtijd zal de kraamverzorgster je heel veel leren rondom het geven van borstvoeding. We adviseren ook om de cursus borstvoeding te gaan doen, zodat je goed voorbereid aan het geven van borstvoeding kunt beginnen.
Als je, om welke reden dan ook, geen borstvoeding kunt geven, is flesvoeding een goed alternatief.